Kennis

Vanaf 2028 mag je niet meer bij elk uitzendbureau inhuren

De Wtta legt een verplichting bij jou als inlener, niet alleen bij je leverancier. De deadline die nu telt is die van je uitzendbureau.

4 september 2026·4 min lezenRecruitment Solutions

Als je weleens een monteur, een lasser of een productiemedewerker inhuurt, komt er iets op je af waar bijna alle berichtgeving langs jou heen gaat. Alles wat er over de nieuwe uitleenwet geschreven wordt, is gericht op uitzendbureaus. Logisch, want zij moeten het meeste regelen.

Maar de wet legt ook een verplichting bij jou. En de datum die op dit moment het meest urgent is, staat niet in jouw agenda maar in die van je leverancier.

Wat er verandert

De Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten, kortweg Wtta, voert een toelatingsstelsel in voor iedereen die arbeidskrachten uitleent. Uitzendbureaus, payrollbedrijven, detacheerders, maar ook een bevriend bedrijf dat af en toe een medewerker bij je laat meedraaien.

Zo'n uitlener moet toelating aanvragen bij de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt, de NAU. Daarvoor zijn een verklaring omtrent het gedrag nodig, een waarborgsom van honderdduizend euro, het aantoonbaar correct betalen van loon, en het netjes afdragen van belastingen. Wie dat niet rondkrijgt, mag straks geen personeel meer uitlenen.

De keerzijde daarvan is de bepaling die over jou gaat: vanaf 1 januari 2028 mag je alleen nog arbeidskrachten inlenen bij een uitlener die is toegelaten of is vrijgesteld.

Waarom dit jouw probleem is en niet dat van je uitzendbureau

Twee dingen maken dit anders dan de gemiddelde regelwijziging.

Het eerste is dat de Arbeidsinspectie ook bij jou kan handhaven. Werk je vanaf 1 januari 2028 met een uitlener die geen toelating heeft, dan riskeer je zelf een boete en moet de samenwerking stoppen. Op dat moment sta je zonder die mensen, midden in een project. Dat je leverancier je verzekerd had dat het goed zat, helpt je dan niet.

Het tweede is de administratieplicht. Je moet kunnen laten zien welke ingeleende krachten via welke uitlener bij je werken. Voor bedrijven die met twee of drie vaste bureaus werken is dat te overzien. Voor bedrijven die in een piek even snel ergens anders bijhuren, is het dat vaak niet, en juist daar zit het risico.

De data die ertoe doen

Wanneer Wat er gebeurt
1 november tot en met 31 december 2026 Uitleners melden zich aan voor de overgangsregeling. Wie dat mist, valt erbuiten
1 januari 2027 De wet treedt in werking. Voor jou als inlener verandert er nog niets
1 mei tot en met 30 juni 2027 Uitleners dienen hun formele aanvraag in
1 juli 2027 Het openbare register gaat open. Vanaf dat moment kun je zelf controleren hoe je leveranciers ervoor staan
1 januari 2028 Je mag alleen nog inlenen bij toegelaten of vrijgestelde uitleners. De Arbeidsinspectie begint met handhaven

Kijk nog even naar de eerste regel. Die deadline is over ongeveer acht weken, en hij ligt niet bij jou. Een uitzendbureau dat zich niet op tijd aanmeldt, valt buiten de overgangsregeling. Dat is een leverancier waar jij in 2028 niet meer terecht kunt, en dat weet je nu al.

Wat je nu kunt doen

Vier dingen, en ze kosten samen een uur.

Zet op een rij bij wie je inhuurt. Niet alleen de vaste bureaus, ook die ene partij waar je vorig jaar in de zomerpiek mensen vandaan haalde. Juist die vergeet je.

Stel ze deze maand één vraag. Of ze zich aanmelden voor de overgangsregeling, en wanneer. Een bureau dat daar helder antwoord op geeft, is bezig. Een bureau dat vaag blijft of zegt dat het allemaal wel meevalt, geeft je nu al informatie waar je iets aan hebt. Bureaus met een geldig SNA-certificaat hebben die aanmelding overigens niet nodig, dus ook dat is een goed antwoord.

Leg de antwoorden vast. Datum, naam, wat ze zeiden. Niet uit wantrouwen, maar omdat je in 2028 moet kunnen laten zien dat je je leveranciers hebt gecontroleerd.

Zet een herinnering op 1 juli 2027. Dan gaat het register open en kun je in vijf minuten nakijken of het klopt wat ze je hebben verteld.

En de vraag die eronder ligt

Deze wet is ontstaan om misstanden aan te pakken bij partijen die het niet zo nauw namen. Dat is goed nieuws, want die partijen concurreerden met prijzen die alleen konden doordat er iets niet klopte.

Maar er zit een tweede beweging in. Toelating kost geld, en een waarborgsom van honderdduizend euro is voor een klein bureau geen kleinigheid. De verwachting is dat het aanbod krapper wordt en dat inhuur daarmee duurder wordt. Als een deel van je bezetting structureel uit ingeleende krachten bestaat, is dit dus niet alleen een administratiekwestie.

Dat is het gesprek dat hierachter ligt en dat de meeste bedrijven pas in 2028 gaan voeren: hoeveel van je capaciteit wil je eigenlijk inhuren, en hoeveel wil je zelf in dienst hebben. Die vraag is een stuk makkelijker te beantwoorden als je weet welke mensen je de komende drie jaar nodig hebt en hoeveel er bij je vertrekken. Dat is uit te rekenen, en dat is een betere aanleiding dan een boete.

Kort samengevat

Vanaf 1 januari 2028 mag je alleen nog inlenen bij toegelaten uitleners, en de Arbeidsinspectie kan ook bij jou handhaven. De actie die nu telt ligt bij je leveranciers: zij moeten zich vóór 31 december 2026 aanmelden. Vraag ze deze maand hoe ze ervoor staan en leg het antwoord vast.

Dit artikel beschrijft de stand van zaken in september 2026. De officiële informatie en de actuele data staan op toelatinguitleenmarkt.nl, de site van de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt.

Delen
LinkedInWhatsAppMail
Over de auteur

Rob Horneman

Veertig jaar in arbeidsbemiddeling, oprichter van CANEI. Schrijft over werving die wel werkt, en over waarom de meeste werving dat niet doet.

Verder lezen